Bepaling voortzettingswaarde onderneming

28 mei 2010

Wanneer een onderneming deel uitmaakt van een nalatenschap kunnen de erfgenamen een beroep doen op de bedrijfsopvolgingsfaciliteit ter vermindering van het successierecht. Die faciliteit is bedoeld om te voorkomen dat de erfgenamen worden gedwongen het bedrijf te verkopen om de successierechten te kunnen betalen. Onder de voorwaarde van voortzetting van de onderneming wordt een deel van de waarde van de onderneming vrijgesteld en wordt voor een deel een conserverende aanslag opgelegd.

Uitgangspunt voor de berekening van het successierecht is dat het ondernemingsvermogen voor de liquidatiewaarde als erfrechtelijke verkrijging wordt aangegeven. Het verschil tussen de liquidatiewaarde en de voortzettingswaarde van de onderneming wordt als voorwaardelijk onbelaste geconserveerde waarde aangemerkt. De voortzettingswaarde wordt gesplitst in een voorwaardelijk onbelast geconserveerd deel en in een belast geconserveerd deel. Over het totaal van voorwaardelijk onbelast geconserveerde waarde en belast geconserveerde waarde wordt een conserverende aanslag successierecht opgelegd.

Voor de berekening van de voortzettingswaarde kan gebruik gemaakt worden van een door het ministerie van Financiƫn in een besluit opgenomen rekenmodel. Het rekenmodel is bedoeld als een eenvoudige waardebepaling op basis van de discounted cashflowmethode.

Het rekenmodel laat de schulden van de onderneming buiten beschouwing bij de bepaling van de voortzettingswaarde.

 

De belanghebbende in een procedure voor Hof Arnhem bestreed de door de inspecteur met behulp van het rekenmodel berekende voortzettingswaarde omdat hij geen rekening had gehouden met de schulden. Het hof was van oordeel dat de berekening van de voortzettingswaarde met behulp van het rekenmodel de aftrek van schulden niet toelaat. Wel stond het de belanghebbende vrij om een andere rekenmethode te hanteren. Volgens het hof was de belanghebbende er niet in geslaagd om een lagere voortzettingwaarde aannemelijk te maken dan de inspecteur had berekend.

In cassatie stelde de Hoge Raad vast dat het hof een bewijsaanbod van de belanghebbende had genegeerd. De uitspraak van het hof was daarom onvoldoende onderbouwd. Om die reden heeft de Hoge Raad de uitspraak van het hof vernietigd en de zaak verwezen naar Hof Den Bosch.

Terug naar overzicht

Onze gegevens

Rijksweg 297-RD
1991AA Velserbroek
T 023 538 29 11
E aaa1@quicknet.nl
KvK 34063598

Adviesbureau voor Administratieve Automatisering

Administratiekantoor Van den Belt is voor u het juiste adres voor betaalbaar en deskundig advies. Met een team van vijf personen zijn wij een kantoor dat met u mee denkt in het belang van uw bedrijf.