Afzien van optie op aandelen

12 mei 2011

Een optierecht op aandelen dat wordt verstrekt aan een werknemer vormt onderdeel van het loon van deze werknemer. Daarover moet loonbelasting worden ingehouden. Een optierecht kan ertoe leiden dat de werknemer een aanmerkelijk belang verkrijgt. Er is sprake van een aanmerkelijk belang wanneer de opties recht geven op een aandelenbelang van 5% of meer. Gevolg van het hebben van een aanmerkelijk belang is dat de vervreemding van het optierecht of de vervreemding van de aandelen na uitoefening van het optierecht leidt tot belastingheffing over de daarbij gerealiseerde meerwaarde.

 

Het aandelenkapitaal van een NV was verdeeld in 400.000 aandelen A en 100.000 aandelen B. Het verschil tussen de aandelen A en de aandelen B bestond uit het recht van de aandelen A op een dividendreserve. Een werknemer verkreeg in 1998 optierechten op 10.000 aandelen B. In verband met een mogelijke beursgang van de NV sloot de werknemer eind 1999 een overeenkomst met zijn werkgever die inhield dat hij tegen ontvangst van een vergoeding geen gebruik zou maken van zijn optierechten. De inspecteur merkte deze overeenkomst aan als een vervreemding van een aanmerkelijk belang. De betaalde vergoeding minus de bij toekenning van de optierechten in de heffing van loonbelasting betrokken waarde vormde winst uit aanmerkelijk belang.

 

De rechtbank Breda en Hof Den Bosch waren van oordeel dat door de dividendreserve voor de aandelen A de aandelen verschillende vermogensrechten hadden, zodat sprake was van soortaandelen. Dat betekende dat de werknemer een aanmerkelijk belang had door de toegekende optierechten. Anders dan de werknemer meende moet bij de bepaling of de 5%-grens is behaald geen rekening worden gehouden met de in het kader van de optie-uitoefening nieuw uit te geven aandelen. Volgens een arrest van de Hoge Raad uit 2008 moet worden uitgegaan van het feitelijk geplaatste aandelenkapitaal van de vennootschap op het beoordelingsmoment. In dit geval ging het om een recht om 10.000 aandelen te verwerven terwijl 100.000 aandelen waren geplaatst.

 

Over de vraag of het tegen een vergoeding verklaren geen gebruik te zullen maken van het optierecht moet worden gelijkgesteld met een vervreemding van het optierecht, oordeelden de rechtbank en het hof dat door de overeenkomst de optierechten uit het vermogen van de werknemer zijn gegaan en de waarde daarvan in het vermogen van de werkgever is gekomen. De werknemer meende dat hij eigenaar van de opties was gebleven en deze had kunnen uitoefenen, ook al zou hij daarmee in strijd handelen met zijn verklaring. Volgens het hof kwam de overeenkomst neer op het doen van afstand van de optierechten tegen een vergoeding, waardoor de optieovereenkomst als vervallen moest worden beschouwd. Dat hield een vervreemding van het optierecht in.

Terug naar overzicht

Onze gegevens

Rijksweg 297-RD
1991AA Velserbroek
T 023 538 29 11
E aaa1@quicknet.nl
KvK 34063598

Adviesbureau voor Administratieve Automatisering

Administratiekantoor Van den Belt is voor u het juiste adres voor betaalbaar en deskundig advies. Met een team van vijf personen zijn wij een kantoor dat met u mee denkt in het belang van uw bedrijf.